In de serre scheen de zon, tropisch achter het dubbele glas. Ik zette een tuinstoel neer, koesterde mijn lichaam in de hitte. Mijn wangen gloeiden in de laaghangende stralen, een gevoel veel aangenamer dan de kleffe hand van een zomerzon. Buiten school, achter een berkenstam, een roodborstje tegen de wind.